Het laatste nieuws over reizen, taal en cultuur door EF Education First
Menu

Noor studeert Fashion & Design bij EF in New York

Noor studeert Fashion & Design bij EF in New York

Hey allemaal, ik ben Noor. Een Fashion & Design student op de EF school in New York. Met een passie voor mode is dit een perfecte invulling van mijn tussenjaar, voordat ik volgend jaar ga beginnen met de universiteit. Ik ben hier nu ruim drie maanden en het bevalt me erg goed! De weken vliegen voorbij.

Jargon

Je hebt heel wat jargon wat betreft mode en in het Engels is de vaktaal van de mode natuurlijk anders dan in het Nederlands. Je hebt verschillende soorten vaktermen, bijvoorbeeld op het gebied van de zakelijke kant van mode, de creatieve kant van mode en wat betreft de productie.

Jargon op het gebied van de zakelijke kant van mode

Mass production: met mass production wordt mode bedoeld die over het algemeen wat minder prijzig is en vooral met de machine wordt gemaakt.
Haute couture: dit is duurdere kleding, die voor een gedeelte met de hand wordt gemaakt, maar ook een gedeelte met de machine.
Couture: dit is mode die alleen met de hand wordt gemaakt. Er komt dus geen machine aan te pas. Merken die zichzelf een couture bedrijf mogen noemen zijn bijvoorbeeld Valentino en Hermes.
Classic: kledingstukken die een classic zijn, zijn kledingstukken die altijd in de mode zullen blijven, wat de volgende trend ook zal zijn. Enkele voorbeelden zijn the little black dress, the white shirt en the trenchcoat.
FAD: een FAD is een kledingstuk die even heel populair is in de wereld, maar ook heel snel zijn populariteit weer verliest. Voorbeelden van FADS zijn Crocs en Moonboots.
Knockoff: als een groot merk, zoals Gucci, een item op de markt zet die erg populair wordt, worden er automisch knockoffs gemaakt door andere bedrijven. Dit zijn items die erg op het originele item lijken, maar dan net anders en een stuk goedkoper. Een goed voorbeeld zijn de mules van Gucci, waar bijvoorbeeld Steve Madden een knockoff van heeft gemaakt.

Mules van Gucci & Mules van Steve Madden

Jargon op het gebied van de creatieve kant van mode

  • Hem: een hem is de zoom van een kledingstuk.
  • Trim: detail die is toegevoegd aan een kledingstuk.
  • Notion: detail die is toegevoegd aan een kledingstuk, maar die ook een functie heeft, zoals een knoop, waarmee je bijvoorbeeld je blazer dicht kan doen.
  • Cuff: een manchet.
  • Shears: een schaar speciaal voor het knippen van stoffen.
  • Sequin: als een kledingstuk/stof allemaal glitter pailletten heeft.

  • Tiered: als een kledingstuk is opgebouwd uit lagen stof.

  • Culotte: een broek die wijd uitloopt en een driekwart lengte heeft.

  • Bell-bottom: ook wel een flared-jeans. Een broek die strak zit bij de bovenbenen, maar los bij de kuiten.
  • Turtleneck: een trui of shirt met een kraag die om de nek zit.
  • Surplice top: een shirt die je omwikkelt.

Jargon wat betreft de productie van mode

  • Solid: een stof zonder een patroon.
  • Check: een stof met een ruitjes patroon.
  • Paisley: een stof met een soort van visjes patroon erop.

  • Mesh: een stof met ‘gaten’ erin.
  • Patched: als er een stuk stof op een kledingstuk wordt genaaid. Een patch betekent in het Nederlands lap.
  • Wrinkled: als een kledingstuk gekreukt is.
  • Inseam: de lengte van de binnenkant van je been.
  • Detergent: wasmiddel.

Dit was wat Engelse jargon uit de modewereld. In de lessen hier leer je er nog veel meer, bewust en onbewust. Je krijgt bladen met Engelse vaktermen, maar gedurende de lessen krijg je de Engelse vaktermen in de mode vanzelf in de vingers!

Wil jij net als Noor ook naar New York?Klik snel hier

Deel dit artikel

Laatste blogs van Studentenverhalen

Ontmoet winnares Chiara